Hel botter
Es se smurgens wakker wurs den wils se waal get aete
Om doa aan te voldoon mosse de botram neet vergaete
Du zits dich un tass koffie en kieks get om dich biej
Tied des se get nao binnen kriegs, duit nemes angers hiej
Oet de kas un bord, oet de trommel pakse mik
Toet zover is niks aan de hand toet zover geine schrik
Toetdet se in de keulkas kieks en wits noe is het fout
Want wasse in dien henj paks veult zonger meer te koud
Hel botter, weer hel botter
Hel botter wil gein hel botter
Doe smeers dich un ongelök
Mer ’t geit neet want de mik geit stök
Hel botter. Gein bel botter
Men geit waal ins oet aete det duit unne miensch good
En es apperatief bestels se dich den vaak get brood
Lekker veers mit un hel koosj van binnen heerlijk zach
Meer den genog zolangs se op ’t echte aete wachs
Biej det brood get aulie, zout en zoget meer
Mer esse den get baeter kieks den zuus se ’t alweer
Ze hubbe ech hun bes gedoan en toch gaet ut weer fout
Wat aan dien mets zit is un sjanj en zonger meer ieskoud
Dus luuj dink nao es geur vanaovendj aan de toafel zit
En meint biej al dit voor heurt mik gries, zwart of wit
Allemaol toet doa aan toe mer effe good beschouwd
Let d’r toch op, godnondedju, die botter neet te koud

Harde Boter
Als je ’s morgens wakker wordt, dan wil je wel wat eten
Om daaraan te voldoen, moet je de boterham niet vergeten
Je zet een kopje koffie en kijkt wat om je heen
Tijd dat je iets naar binnen krijgt, niemand anders die het doet
Uit de kast pak je een bord, uit de trommel pak je brood
Tot zover niets aan de hand, tot zover geen alarm
Totdat je in de koelkast kijkt en weet nu is het fout
Want wat je in je handen pakt, voelt zondermeer te koud
Harde boter, alweer harde boter
Harde boter, ik wil geen harde boter
Je smeert je een ongeluk,
maar het gaat niet want je brood gaat stuk
Harde boter. Geen harde boter
Je gaat wel eens uiteten dat doet een mens goed
En als aperitief bestel je dan vaak wat brood
Lekker vers met een harde korst, van binnen heerlijk zacht
Meer dan genoeg zolang je op het echte eten wacht
Bij het brood wat olie, zout en van die dingen
Maar als je dan beter kijkt, zie je het alweer
Ze hebben echt hun best gedaan maar toch gaat het weer fout
Wat aan je mes zit is een schande en zondermeer ijskoud
Dus mensen denk toch na als je vanavond aan tafel zit
En denk bij al dat voer hoort brood tarwe, rogge of wit
Allemaal tot daaraantoe maar even goed beschouwd
Let er toch op, potverdorie, de boter niet te koud